Seroendeng met cashewnoten, een strooisel van gebakken kokos wat al je Indische gerechten nog lekkerder maakt. Vroeger hadden veel mensen zo’n klein potje in huis. Misschien werd het één keer gebruikt en belandde het daarna achterin een keukenkastje. Want waar eet je seroendeng bij? En hoe kun je het zelf maken? In dit artikel vertel ik hoe ik mijn versie met cashewnoten maak. Je kunt uiteraard ook kiezen voor pinda’s.
In het traditionele recept van seroendeng zitten pinda’s. Deze worden eerst gefrituurd/gebakken in olie waardoor ze die lekkere smaak krijgen. Ik gebruik cashewnoten in mijn seroendeng omdat mijn dochter een pinda-allergie heeft. Ik gebruik voor dit recept ongezouten, ongeroosterde cashews. Wil je wel pinda’s gebruiken dan kan dat natuurlijk ook. Kies dan ook voor de ongezouten variant.

Seroendeng met cashewnoten
De meeste Indische en Indonesische gerechten garneer je met gebakken uitjes (bawang goreng) of gefrituurde sjalotjes. Ze geven veel smaak en crunch. Seroendeng wordt gemaakt van geraspte geroosterde kokos, dit geeft je gerechten die kenmerkende smaak die je vaak proeft bij ‘Indofood’. Strooi het over de rijst, nasi goreng, gado gado, rendang, op je pindasaus, noem maar op. Je kunt er ook heerlijk sateetjes in dippen.
Voor mijn seroendeng gebruik ik gedroogde ingrediënten in combinatie met verse producten. Normaal gesproken wrijf je uien en knoflook fijn in de vijzel samen met de rest van de specerijen. Voor dit recept gebruik ik in plaats van verse ui en knoflook, uienpoeder en knoflookpoeder. Wat ik wel vers gebruik is, sereh (citroengras) en djeroek poeroet (limoenblad). Ik neem extra veel limoenblad omdat ik dit heel erg lekker vindt. Ook gebruik ik tamarindepasta, dit kun je kopen in een potje in de supermarkt.
Wil je dit recept bewaren? Pin dan de onderstaande afbeelding op jouw Pinterest borden.
Lees verder onder de afbeelding.





