Gebakken uitjes (bawang goreng)

Gebakken uitjes (bawang goreng)

Bij de meeste Indische gerechten eten wij hier thuis gebakken uitjes. Deze crunchy stukjes ui maken elk gerecht of soep nog lekkerder. Vroeger (en nu nog steeds) aten wij ze soms ook weleens om te snoepen. Gebakken uitjes (bawang goreng) zijn voor mij onmisbaar bij bamisoep, bruine bonensoep, gado gado en nasi goreng. Ik had een keer geen gebakken uitjes in huis maar voor mijn gevoel was mijn maaltijd toen niet compleet. Ik heb ze uiteindelijk zelf maar gebakken!

Dit is eigenlijk meer een bereidingswijze dan een recept, maar wel handig om te weten hoe het moet. Gebakken uitjes zijn gewoon heel erg lekker en als je vaak Indisch kookt staan deze uitjes standaard op tafel, naast de sambal.

Wat heb je nodig?

  • 3 sjalotjes
  • ruim (rijst)olie om in te bakken/frituren
  • snufje zout

Hoe maak je gebakken uitjes?

Snijd de sjalotjes in flinterdunne ringetjes. Verhit een flinke scheut olie in een wok, de bodem mag helemaal bedekt zijn. Frituur de sjalotjes tot ze lichtbruin zijn, dit gebeurt al vrij snel. Let op dat ze niet te bruin worden, ze verbranden namelijk vrij snel.

Schep met een schuimspaan de gebakken uitjes uit de pan en laat ze uitlekken op een bord bekleed met keukenpapier. Bestrooi de gebakken uitjes met een snufje zout en ze zijn klaar om te serveren.

Bewaar de gebakken uitjes in een goed afgesloten potje. Ze zijn na het bakken het meest knapperig. Hoe langer je ze bewaart hoe minder knapperig ze worden. Het lekkerst is om ze op de dag zelf op te eten.

Gebakken uitjes smaken niet alleen bij Indische gerechten maar ook bij allerlei andere (Oosterse) gerechten. Je kunt ze ook verwerken in boemboe’s, als topping op pindasaus of zelfs door gehakt om het een extra lekkere smaak te geven. Gebakken uitjes geven een hele andere smaak als rauwe ui.

Gebakken uitjes (bawang goreng)

 

Print Friendly, PDF & Email

Laat je een berichtje achter?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*